ECHTSCHEIDING EN KINDEREN
co-ouderschap

advocaten voor echtscheiding en scheidingsbemiddeling

Wat is co-ouderschap?

Vroeger werd met co-ouderschap nog wel eens bedoeld de situatie dat na echtscheiding beide ouders het gezag hielden over hun kinderen. Dat was in die tijd nog geen regel, maar een uitzondering.
Nu het tegenwoordig standaard is om samen het gezag te houden, wordt met co-ouderschap meestal bedoeld de situatie dat kinderen ongeveer evenveel tijd bij de ene ouder doorbrengen als bij de andere ouder.

TIP !

Hulp nodig bij het vinden van een goede advocaat familierecht, arbeidsrecht of huurrecht?
Wij vinden een goede advocaat voor jou! Gratis en vrijblijvend!
 

TIP !

Goede advocaten op vrijwel alle rechtsgebieden vind je bij Omnius.
 
Stel nú jouw vraag! (Helpdesk 7 dagen per week open.)
 

Waarom co-ouderschap?

Veel ouders willen na echtscheiding co-ouderschap, waarbij de kinderen grofweg de helft van de tijd bij vader zijn en de helft van de tijd bij moeder.
Voor een deel komt die wens voort uit het idee dat het voor kinderen goed is om evenveel contact met de ene ouder te hebben als met de andere ouder.
Maar zeker zo vaak (is althans onze ervaring) wordt voor co-ouderschap gekozen vanuit een soort rechtvaardigheidsgevoel. Met co-ouderschap kan noch vader noch moeder zich tekortgedaan voelen.
Vaak wordt er door ouders minitieus onderhandeld over een exacte 50/50 verdeling waarbij de kinderen ergens halverwege de week, precies op de helft van de dag, van de ene ouder naar de andere ouder gaan. In zo'n situatie gaat het dus enkel om het eergevoel, de trots, het aanzien voor de buitenwereld, en nog wat van dat soort zaken die weinig met het belang van de kinderen te maken hebben.
Voordat je aan co-ouderschap begint: vraag je heel goed af waarom je voor co-ouderschap kiest. Begin er alleen aan als je ervan overtuigd bent dat het voor jouw kind(eren) de beste oplossing is. "Eerlijk alles delen" is heel goed als het over de boedelscheiding gaat, bijvoorbeeld over de bankrekeningen. Anders dan kinderen, zal een bankrekening niet wakker liggen van de verdeling. Bij kinderen gaat het niet op de eerste plaats om "eerlijk delen" maar om wat goed is voor de kinderen.

Co-ouderschap, sleutels tot succes

Praktisch gesproken zullen de ouders in elkaar buurt moeten wonen, wil een kind eenvoudig op en neer kunnen gaan.
Belangrijker is nog dat co-ouderschap van de ouders vraagt dat er vrijwel constant overleg plaatsvindt en dat alle praktische problemen steeds eenvoudig, zonder conflicten, worden opgelost. Dat vraagt nogal wat van de ouders.

Voor de meeste kinderen is overigens het feit dat hun ouders nog steeds door één deur kunnen als het over de kinderen gaat, en zich als goede en redelijke ouders opstellen, waarschijnlijk nog veel belangrijker dan de precieze verdeling in tijd tussen beide ouders.
Zelf hebben wij geen groot geloof in de stelling dat co-ouderschap zo goed is voor kinderen, maar voor jou als lezer gaat het niet om een gemiddeld kind maar om jouw kind. En het is heel goed mogelijk dat voor een bepaald kind co-ouderschap de ideale oplossing is. Vraag je af of dat voor jouw kind zo is, en waarom. En weersta de verleiding om dat aan jouw kind te vragen. Een kind kan niet anders dan zeggen dat co-ouderschap een goed idee is; ieder ander antwoord zou immers één van de ouders teleur stellen, en dat is het laatste wat jouw kind wil.
Co-ouderschap is in eerste instantie een beslissing van ouders en daarna, bij de praktische uitwerking, kan er natuurlijk met de kinderen overleg worden gepleegd.
Basis voor succes van co-ouderschap is dat jouw kind er werkelijk voordeel bij heeft om op twee verschillende plekken te wonen. Is dat voor jóuw kind het geval, dan kan co-ouderschap een goede regeling zijn.

Co-ouderschap na echtscheiding: redding of ramp

Hieronder tref je een artikel aan van Dineke van Klinken, gepubliceerd op Pedagogiek.net.

Co-ouderschap na echtscheiding: Redding of ramp
publicatiedatum: 17-10-2006 | laatst gewijzigd: 13-11-2006 16:52
© 17-10-2006 Pedagogiek.net


Kinderen krijgen de laatste jaren steeds meer aandacht in het proces rond echtscheiding. Stemmen gaan op om kinderen meer bij de scheiding te betrekken en de belangen van de kinderen worden steeds meer centraal gesteld. Naast de bestaande omgangsregelingen worden nieuwe ideeën opgeworpen om het belang van het kind meer te dienen. Een van deze nieuwe ideeën is co-ouderschap. Hierbij wordt de zorg voor de kinderen gelijkwaardig over de ouders verdeeld, zodat de relatie van het kind met beide ouders behouden blijft. Er zijn zelfs onderzoekers die co-ouderschap verplicht willen laten stellen om aan de gezamenlijke zorgplichten en –rechten van ouders tegemoet te komen. Een wetsvoorstel om co-ouderschap te verplichten is vorig jaar gesneuveld. Reden hiervoor was dat het te vergaand zou zijn en bovendien teveel problemen op zou leveren in plaats van oplossen. Maar naast praktische moeilijkheden zoals de verdeling van spullen, zijn er principiële bezwaren tegen co-ouderschap. En ook onderzoek ondersteunt de noodzaak van co-ouderschap niet.

Gelijke zorgverdeling

Co-ouderschap is niet uit de lucht komen vallen als een nieuwe vorm van omgangsregeling. Nieuwe wetten hebben meer en meer eisen gesteld aan de wederzijdse inspanningen van ouders na de scheiding. Sinds januari 1998 behouden beide ouders het gezag over de kinderen. Er moet dan een regeling worden getroffen over de verblijfplaats van de kinderen en de omgang met beide ouders. Bij het opstellen een dergelijk plan kunnen ouders ervoor kiezen om de zorg fifty-fifty te verdelen, zodat het kind met beide ouders een goede relatie blijft houden. Het kind brengt dan de helft van de week bijvoorbeeld bij moeder door en de andere helft bij vader.

Manifest

Een aantal Nederlandse onderzoekers heeft in een manifest gepleit voor verplicht co-ouderschap. “Na (echt-)scheiding is gelijkwaardig ouderschap het uitgangspunt. Ouders hebben gezag en een zorgplicht. (..) Echt- of samenwoningsscheiding tussen ouders kan niet worden uitgesproken indien de ouders geen gezamenlijke zorg- en opvoedingsregeling van hun minderjarige kind(eren) overleggen.”, aldus de samenstellers van het manifest. Op het eerste gezicht lijkt co-ouderschap dan ook een ideale oplossing. Als beide ouders het co-ouderschapsplan als eerlijk ervaren, kan dat ruzie tussen de ouders verminderen of zelfs voorkomen. Het bevordert de betrokkenheid van beide ouders bij de opvoeding en het kind hoeft niet voor een ouder te kiezen of een ouder minder te zien. En zeker voor de vader heeft het voordelen, aangezien de vader een volwaardige positie als ouder krijgt in plaats van een weekendvader waarmee het kind leuke dingen gaat doen.

Eerlijk en leuk

Ook voor kinderen zitten er leuke kanten aan de fifty-fiftyregeling (Groenhuijsen, 2006). De relatie met beide ouders wordt soms wat losser, wat prettig kan zijn voor het kind. Bovendien ervaren kinderen het als eerlijk als ze evenveel tijd doorbrengen met beide ouders. Bij een ongelijke verdeling tussen ouders voelt het kind zich vaak schuldig tegenover de ouder waar het minder komt (van der Gun & de Jong, 2006). Vóór de scheiding was de andere ouder er immers ook altijd. Sommige kinderen kunnen het ook leuk vinden om veel te wisselen van huis. Voor de meeste kinderen geldt echter het tegenovergestelde.

‘Ernstig negatieve gevolgen’

‘Er zullen ongetwijfeld kinderen zijn die bij dat verdeelde wonen goed zullen gedijen, maar voor heel veel kinderen zal het ernstig negatieve gevolgen kunnen hebben, als ze niet meer gewoon in één huis wonen, maar verdeeld worden over de ouders’, aldus psychologe en orthopedagoge Liesbeth Groenhuijsen. Deze gevolgen kunnen voortkomen uit o.a. gevoelens van verlies bij elk afscheid, heimwee naar de andere ouder en gebrek aan continuïteit. Een gebrek aan continuïteit kan het proces van identiteitsvorming beschadigen (Groenhuijsen…). Bovendien wordt het kind voortdurend opgeëist door de ouders, omdat beiden de tijd met het kind optimaal willen benutten.

Switchen

Ook in de praktijk zal het voor kinderen lastig zijn. Zo zal het voor veel kinderen zwaar zijn om telkens te switchen van het ene naar het andere huis, met bijbehorende regels, rituelen en sociaal leven. Het kind moet zijn of haar spullen over twee plekken verdelen, wat veel kinderen moeilijk vinden: “Het stomme vind ik dat je zo op en neer moet gaan de hele tijd om spullen te halen. Soms ligt mijn huiswerk weer bij papa en dan ben ik bij mama en moet ik het weer gaan halen. Want je moet voor vier dagen mee naar school nemen.(..) Dat is heel lastig.” (van der Gun & de Jong, 2006).

Voorwaarden

Ook voor ouders is co-ouderschap geen gemakkelijke optie. Het zal niet meevallen om een goede fifty-fifty regeling op te stellen, met de eisen en mogelijkheden van beide ouders erin verwerkt. Maar bovendien zijn er een aantal voorwaarden waaraan de ouders moeten voldoen, wil de co-ouderschap slagen. Zo is het belangrijk dat de ouders geen ruzie maken en geen machtsstrijd voeren. Daarentegen zijn een goede communicatie, samenwerking en redelijk bij elkaar in de buurt wonen essentiële ouderkenmerken voor het succes van een co-ouderschapsregeling.

‘Aanzienlijk deel’

Co-ouderschap is dus niet zo ideaal als het lijkt. Maar desondanks is het nog niet wetenschappelijk bewezen dat dit echt schadelijk is voor de kinderlijke ontwikkeling. Wel is aangetoond dat gezamenlijk gezag en opvoeding beter zijn voor het kind dan éénouderlijk gezag en opvoeding (Bauserman, 2002). Er werd in dit onderzoek echter geen verbetering gevonden van co-ouderschap ten opzichte van gezamenlijk gezag waarbij de kinderen bij beide ouders ‘een aanzienlijk deel’ van hun tijd doorbrachten. Aangezien dit aanzienlijke deel ook in een omgangsregeling kan zitten, is het de vraag of co-ouderschap met kop en schouder boven andere opties uitsteekt.

Meerwaarde

Andere onderzoeken tornen evenzeer aan de meerwaarde van co-ouderschap ten opzichte van andere omgangsregelingen. Coysh et al. (1989) hebben het welzijn van de ouders onder verschillende scheidingsregelingen (éénouderlijk tegenover gezamenlijk gezag en een soort co-ouderschap) onderzocht. Er werd geen relatie gevonden tussen het welzijn van de ouders en het type regeling, maar wel bleek dat ouders vooral gebaat waren bij continuïteit en een goede relatie met de andere ouder. Deze continuïteit en goede relatie zijn meer algemene factoren, die in tal van (omgangs)regelingen voor succes kunnen zorgen, net als bovengenoemde factoren als betrokkenheid, een eerlijke verdeling, goede communicatie en samenwerking.

Niet uniek

De genoemde positieve kenmerken zijn dus niet uniek voor co-ouderschap. Ze geven meer een indicatie van kenmerken van ouders en hun relatie na de scheiding die zorgen voor een goed verloop na de periode van een echtscheiding. Kinderen lijken ook weinig onderscheid te maken tussen verschillende regelingen, maar vinden het vooral belangrijk dat alles zo normaal mogelijk verloopt, ‘net als vroeger’ (Van der Gun & de Jong, 2006). Hoewel het mogelijkheden biedt en er over negatieve gevolgen nog weinig bekend is, is met het ter wereld komen van co-ouderschap nog steeds geen ideale oplossing geboren.

 
(Dineke van Klinken (2006) Co-ouderschap na echtscheiding: redding of ramp. Pedagogiek.net)